Cookies

Deze website maakt gebruik van cookies. Anonieme analytische cookies om het gedrag van bezoekers na te gaan en de website aan de hand van deze gegevens te verbeteren. Daarnaast worden ook marketing cookies gebruikt door derden om gepersonaliseerde advertenties te tonen. Ook wordt er gebruik gemaakt van deze cookies om integratie met social media mogelijk te maken. Denk aan video's op Youtube of functionaliteiten van Facebook.

Johan Goossens

Cabaretier - schrijver

Johan Goossens is cabaretier en schrijver. Hij publiceerde twee columnbundels, onder andere over zijn werk op een ROC.


menu

Column Parool

PIN-only store

Op de Bos en Lommerweg zit een boekhandel waar je alleen maar kunt pinnen. Een kleine sticker op het raam duidt hierop, maar anders is het winkelpersoneel niet te beroerd je eraan te helpen herinneren. Ze zijn er namelijk nogal trots op. Iedere klant die nietsvermoedende in zijn kleingeld begint te roeren krijgt een honend: ‘Hoho! Dat doen wij hier niet!’ Vervolgens valt het woord ‘PIN-only store’. Ze kijken je hierbij aan alsof het de uitvinding van de eeuw is - geweldig, bij ons mag je niet met cash betalen! De denkfout hierachter is volgens mij dat het voor het personeel misschien geweldig is. Wat het voordeel is voor de klant om elke poezenkaart apart op je bankafschrift te krijgen, weet ik niet.

Zelf zou ik als middenstander dan ook een licht verontschuldigende toon aanslaan. ‘Het spijt me, maar u kunt hier niet contant betalen.’ Eventueel met korte uitleg over dreigende overvallen, hoge kosten of een koperallergie. Maar de opmerkingen vanachter de toonbank grossieren in triomfantelijkheid:

‘Cash? Nee daar doen wij niet meer aan!’

‘Of u mag pinnen? U moet hier zelfs pinnen!’

En deze, mijn persoonlijke favoriet en de meest zuivere cirkelredenering ooit gemaakt: ‘U kunt hier alleen pinnen, want het is een PIN-only-store.’ Bij het uitspreken van het woord ‘PIN-only store’ zie je de middenstander opzwellen. Hij is niet zomaar een boekhandelaar. Hij is een boekhandelaar met een concept. Aan de twinkeling in zijn ogen zie je dat hij zich door dit ene woord kan meten met de grote jongens.

Het is de ziekte van deze tijd. Je kunt geen zaak meer binnenstappen of je wordt een formule ingezogen. De kapper die je bij binnenkomst op een lage bank dwingt om zijn bedrijfsfilosofie uit de doeken te doen. De obers in restaurants die tegenwoordig niet meer naar je tafeltje komen met een vriendelijk ‘Goedenavond’, maar met een half vijandig: ‘Jullie weten hoe het hier werkt?’ Eventueel gevolgd door een uitleg in de trant van: ‘Groente gaat via mij. Vlees bestel je bij de vleescounter. Drankjes vul je in op deze kaart en als de cactus gaat trillen kun je je bestelling ophalen. Pasta is zelfbediening. En hier is jullie Ipad met de sauzen.’ Dit alles wordt meegedeeld alsof het de meest logische zaak van de wereld is. Een lumineuze vinding die het hele idee van ‘gast bestelt eten en krijgt dit’ hopeloos achterhaald maakt.

Laatst meldde ik me bij een huisartsenpraktijk. ‘We werken hier met kennismakingsgesprekken,’ meldde het meisje achter de balie. Even later zat ik tegenover mijn nieuwe huisarts die me diep aankeek. ‘Wat verwacht jij van een huisarts?’ vroeg hij. Ik viel stil. Geen idee. ‘Gewoon, wat huisartsen doen.’ Hij knikte. ‘Kijk, want ik het huisartsenvak als volgt…’ Ik zuchtte en voelde me ineens heel moe.

Verschenen op 22-08-2013 in het Parool
Meer